maandag, oktober 18, 2021

Zoek eerst…

Zoek eerst…… 

De afgelopen zondagen heb ik elke week in een andere kerk doorgebracht.

Kalimpong (de stad waar ik nu woon) is een aardig grote stad. Vanuit de kerk hier zijn er sterke contacten met kerken in de buurt. Dit werk wordt ondersteund door DVN. Het zijn veelal kleine kerken op plekken waar ik ze niet gevonden zou hebben.

Ik mag met verschillende pastors mee naar die kerkdiensten.

Afgelopen zondag werd ik bijvoorbeeld om 10 uur opgehaald door iemand met een scooter. Ik wist dat het 45 minuten rijden was naar de kerk. Ik geniet er enorm van om achterop zo’n scooter de omgeving te zien en nog niet te weten waar ik uiteindelijk uit ga komen. 

We bleken uit te komen bij een kerkje temidden van een moestuin. 

Dat alleen al vind ik tof. 

Er zaten ca tien mensen in de dienst  en onder begeleiding van een gitaar (of in een ander kerkje een tamboerijn) word de dienst gestart met het zingen van liederen in het Nepali (de taal die in dit gedeelte van India gesproken wordt).

Ik versta geen bal van de taal maar doordat de structuur van de kerkdienst wel herkenbaar is volg ik de dienst. 

De week ervoor was een zondag die erg veel indruk op me gemaakt heeft. Het was een behoorlijk lesje in Godsvertrouwen! Ik ga proberen mijn gedachtenspinsels over te brengen 😉

Ik mocht mee naar een huisgemeente onder theeplukkers. De dag ervoor waren we al naar dat gebied gereden (4 uur rijden) en zondagochtend gingen we naar het gebied waar veel theeplukkers hun huis of hut hebben.

Het theeplukken levert bizar weinig geld op, dus deze mensen kunnen (financieel) arm genoemd worden.

Voor de dienst had ik een mooi gesprek met 1 van de medewerkers die mee was. Hij vertelde me waarom hij hier graag kwam: omdat het ontzettend belangrijk is om aan de mensen die hier wonen te laten merken dat ze net zo waardevol zijn als mensen met meer geld of groeimogelijkheden. Alleen al een handdruk is een bemoediging voor beide kanten. 

De pastor had mij gevraagd om tijdens de dienst ook kort iets te delen. Ik heb psalm 121 (stukje uit de bijbel) erbij gepakt. 

Die psalm beschrijft aan wie je om hulp kunt vragen bij alles: God, de Heer.

Ik legde uit dat God in alle omstandigheden bij je is om naar je te luisteren en je te helpen.

Na mijn praatje, toen ik weer rustig op mn stoeltje zat, begonnen mijn hersens te kraken.

Ik begon me soort van schuldig te voelen dat ik in zo’n ander land opgegroeid ben waar relatief veel geld beschikbaar is en waar ik zelf kan kiezen wat ik wil doen.

Het voelde ‘lekker makkelijk’ om de theeplukkers te bemoedigen met ‘God is bij jullie’. 

Wat weet ik nou van hun zorgen? Wat weet ik van de uitzichtloze situatie waar ze inzitten? Ik heb er geen idee van hoe het is als je moet kiezen tussen eten kopen of naar een dokter gaan omdat er geen geld voor beide is. 

Ik heb alle kansen om te doen wat ik wil. Ik wil reizen: prima, koop een ticket en ga. Ik kon kiezen wat voor beroep ik uit wil oefenen. 

De mensen hier hebben niet zoveel keuzes als ik heb. Zij kunnen niet kiezen voor goed onderwijs of een betere baan. 

Zij moeten dag na dag urenlang achter elkaar thee plukken om te kunnen eten. 

Is het dan niet erg leeg als ik, met al mijn mogelijkheden, hun ga vertellen dat God overal bij helpt?

Met deze gedachtes was ik bezig toen ik wat van de preek meekreeg (af en toe wat Engels zinnen die gezegd werden zodat ik de grote lijnen kon volgen):

God vraagt van ons om Hem te vertrouwen en om de ander lief te hebben. 

God vraagt mij dus niet om mij schuldig te voelen over wat Hij mij gegeven heeft. 

Ook vraagt Hij niet van me om het verschil tussen arm en rijk te accentueren of om op te lossen.

God vraagt mij (en volgens mij ook ieder ander) om goed om te gaan met de dingen die ik heb.

Een stukje uit de bijbel waar ik supervaak aan moet denken en wat mij helpt om de boel in mijn hoofd op een rijtje te krijgen:

‘Zoek eerst het koninkrijk van God en Zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen (eten, drinken, kleren) je erbij gegeven worden.’ (Staat oa in het Bijbelboek Mattheus hoofdstuk 6 vers 33)

Wat een toffe God is dat toch! God is degene die er echt voor zorgt dat alles op z’n pootjes terecht komt. Misschien niet precies volgens mijn ideeën maar daar hoef ik me niet druk om te maken. Het ‘enige’ wat ik hoef te doen is naar Gods koninkrijk zoeken en naar gerechtigheid. 

Heel kort door de bocht: hou van de ander, wees eerlijk en geniet van alle dingen die je van God krijgt. 

En deze opdracht is niet alleen voor mij, dit is voor iedereen. Dus ook voor de theeplukkers die andere zorgen hebben dan ik. God vraagt hetzelfde van hen. God maakt geen verschil! Dus ik mag ook ophouden verschil te benadrukken tussen arm en rijk. Tuurlijk: het verschil wordt me steeds wel duidelijk gemaakt door wat ik hier zie maar ik mag me bezig blijven houden met Gods koninkrijk en Zijn gerechtigheid te zoeken. 

Nadat ik die conclusie getrokken had heb ik intens genoten van de tijd die ik na de dienst doorbracht in de keuken. 

Een aantal vrouwen waren bezig chai-tea te maken voor alle gemeenteleden. Ik ben erbij gaan zitten op een krukje. We genoten van elkaar zonder elkaar qua spreektaal te verstaan. Maar onze blije gezichten spraken volgens mij boekdelen.

En dat kopje thee: dat was zonder overdrijven het lekkerste kopje thee tot nu toe!

 

Lees ook deze artikelen eens:

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Populaire artikelen

How Great Thou Art

One of us

De laatste dagen

Nieuwste reacties