woensdag, september 22, 2021

7. ‘Receive to give’

Het is alweer een tijd geleden dat we een blog hebben geschreven. Inmiddels zijn wij onze koffers aan het inpakken en aan het passen en meten hoe we alles mee kunnen krijgen naar Holland. We hebben in januari een fijne laatste maand gehad in India. In dit laatste blog zullen we nog wat delen over deze tijd.

Begin januari namen wij vanuit Bilaspur de trein naar Delhi. Een reis met een overnachting in de trein. We hadden beiden zin in deze trein reis. Het was fijn om even niets te hoeven, maar gewoon te kunnen zitten en te genieten van een goed boek en het uitzicht vanuit de trein. Onze trein reed langs dorpjes, rijstvelden, slums, mooie gebouwen en heel veel verschillende mensen. Na 24 uur kwamen we aan in de hoofdstad van India. Wat een gigantische wereldstad! Met zijn 16,5 miljoen inwoners (omwonende gebieden meegerekend) telt het bijna net zoveel inwoners als in heel Nederland. Bij aankomst namen we de metro richting het instituut waar we 7 dagen verblijven. Hoewel dit ons werd afgeraden wilden we het ondergrondse metronetwerk toch eens proberen. Aangekomen op het metrostation werd ons duidelijk waarom we waren gewaarschuwd. De metro’s zitten stampvol! Zo gauw als de deur open gaat worden de eerste passagiers uit de openslaande deuren gelanceerd. Het is zaak dat je dan op je benen blijft staan. Dit is een lastig moment! Het verrassende is dat er een speciale coupé is voor vrouwen. Hillene zit in deze coupe en Jonathan in een andere. Vanaf een afstandje houden we elkaar in de gaten. In Delhi wordt er duidelijk aandacht gevraagd voor de problematiek rond de veiligheid voor vrouwen en meisjes. Naast aanrandingen en ander ongewenst gedrag vinden er in Delhi zo’n 3000 verkrachtingen per jaar plaats. Elke dag lezen we ervan in de krant. De speciale coupes zijn er dus niet voor niets en ook taxichauffeurs hebben soms een sticker op hun taxi dat ze vrouwen respecteren. De angst onder vrouwen is wel degelijk aanwezig. We spraken een vrouw die in Delhi met een busje pepperspray in haar tas rondreist. Iemand anders vertelt ons dat ze in het openbaar vervoer (tuc-tuc of vikram) altijd een veiligheidsspeld in haar hand houdt om mannen eventueel in hun hand te prikken mochten ze verkeerde intenties hebben. Alleen reizen voor meisjes en vrouwen is niet altijd veilig. Toch is het goed om te zien dat er aandacht is voor dit probleem.

Naast het bezoeken van wat culturele attracties bezoeken we op een dag één van de slums van deze miljoenenstad. Shilam staat ons op te wachten op het metrostation en neemt ons mee naar zijn schooltje in het midden van de slums. De slum ligt net buiten de stad en Shilam waarschuwt ons voor het grote contrast wat we gaan zien. Terwijl Shilam zijn verhaal verteld over hoe God hem riep voor het werk in deze slums zien we de asfaltweg veranderen in stoffig geel zand. We laten de hoge flats achter ons en rijden – zoals Shilam het noemde – een andere wereld in. We zien wat muurtjes en golfplaten waarachter zich allerlei soort huisjes in velen soorten en maten. Sommige huisjes zijn niet meer dat een paar takken en een zeiltje. We worden stil terwijl Shilam verder verteld dat hij hier nu ongeveer vijf jaar werkt. Eerst kwam hij hier af en toe en was het lastig voor hem om contact te leggen. Hij is van het noordoostelijke deel van India en daarom heeft hij een mat meer chinees uiterlijk. Sommige dachten dat hij een Chinees was, maar uiteindelijk slaagde hij erin om een relatie te bouwen met de mensen uit deze buurt. Hij begon de kinderen les te geven en nu staat er een klein schooltje van zo’n 30m2 midden in de krottenwijk waar zo’n 40 kinderen dagelijks les krijgen. De kinderen leren christelijke liedjes en krijgen Bijbelonderwijs. Het was een grote stap om zijn vaste baan te verlaten en in de krottenwijk te gaan werken, maar God heeft hem in alles voorzien. Hij heeft niet veel maar wel net genoeg om van rond te komen. We genieten die ochtend van zijn enthousiasme en van de kinderen. We vragen ons af waarom deze kinderen niet naar een gratis overheidsschool gaan. Shilam vertelt dat de school op 45 minuten lopen ligt van de slum. Ouders durven hun kinderen daar pas naar toe te laten gaan als ze ouder zijn. Als ze klein zijn is het te gevaarlijk om dit stuk alleen te lopen. Er is een kans op ontvoering, kinderen kunnen in de handen komen van mensenhandelaren. De kinderen die niet naar school gaan hebben weinig perspectief. Dit wordt schrijnend zichtbaar als we aan de rand van krottenwijk een groepje jongens (tussen de 12 en 16 jaar) aantreffen. Ze snuiven aan een soort lap met schoensmeer. Het is een drugs. Deze jongeren vervelen zich en beginnen al vroeg met het gebruiken van alcohol, drugs en raken hierdoor vaak in het criminele circuit. Iets verderop staat het kerkje van Shilam. We horen het verhaal van een moslimmeisje wat niet meer naar Shilams kerk kan komen omdat ze door haar familie wordt bedreigd met de dood als ze naar de kerk gaat en zich laat dopen. Ook is er in het bijzijn van Shilam een verbod gelegd op al het contact tussen haar en Shilam. Shilam verteld dat ze soms midden in de nacht opbelt. Ze licht dan met haar Bijbel en een lampje onder de dekens en stelt hem dan vragen over de Bijbel… Het was een ontzettende bijzondere en leerzame ervaring. ’s Avonds als we in bed liggen horen we het stormen en regenen en we denken en bidden allebei: ‘God, wees bij die mensen!’.

Vanuit Delhi reizen we door naar Jaipur.  Jaipur ligt meer naar het westen en is meer een soort woestijngebied. Op straat zagen we weer een nieuw verschijnsel. (Zie foto) Onderweg wordt de grond steeds droger en het weer steeds mooier. In Jaipur genieten we een aantal dagen van mooie cultuur. Opnieuw komen we via-via in contact met een pastor in Jaipur. We gaan naar zijn kerk waar we een boeiend en open gesprek hebben met Anjan. Anjan vertelt ons over het werken in deze streek van India. Hij vertelt ons over een aantal dorpen in de omgeving van Jaipur die allemaal leven van prostitutie. Vaders zorgen voor de klanten, moeders zorgen voor de mooie uitstraling van het huis en het linnengoed en dochters doen al het werk met de klanten. In deze dorpen worden dochters gezien als een zegening van de goden. Dit in tegenstelling tot veel families die veel liever een zoon hebben en te veel dochters soms wordt gezien als een vloek. De mooiste meisjes worden verkocht naar Mumbai en andere grote steden. Daar worden ze verhuurd voor een aantal dagen/weken aan rijke mannen. Toen Anjan en zijn vrouw de eerste keer aankwamen in het dorp werden ze aangezien als klanten. Inmiddels kennen de inwoners hen. Als hij soms aan de meisjes vraagt wat hun droom is voor de toekomst zeggen ze dat ze naar Mumbai willen. Ze hebben echter geen idee wat hen daar staat te wachter vertelt hij. Anjan en zijn vrouw proberen hen te leren dat er ook andere manieren zijn om geld te verdienen. Zo leren ze hen handwerk. Nu maken en verkopen ze sieraden, onderzetters, tasjes, portemonnees en nog meer van dat soort spul. Bij de kerk zit een klein winkeltje waar deze producten worden verkocht. Een prachtig project!

Na ons bezoek aan Jaipur reizen we terug naar Dehra Dun. Twee dagen hebben we de tijd om ons voor te bereiden op de kou in de bergen. We gaan samen met Manuel naar Uttarkashi. Een bergplaatsje dat zo’n 5 uur rijden verwijdert ligt van Dehra Dun. Manuel en zijn vrouw zijn 15 jaar geleden op deze plek een christelijke school begonnen met als motto ‘Receive to give’. Hier helpen we één week mee met les geven. We vertellen verhalen uit de Bijbel en leren ze christelijke liedjes. Tussendoor werkt Jonathan aan zijn verslag. Het

School in Uttarkashi

evangelie vindt moeilijk ingang in dit traditionele bergplaatsje, maar door de school en de zondagse bijeenkomsten doet Manuel wat hij kan. Jonathan mag op zondag weer preken in het kerkje. We hebben een goede tijd met Manuel, daarnaast leert hij ons Indische koken. In de avonden hebben het zo vreselijk koud dat we vroeg onder de (vier!) dekens ons wegstoppen voor de kou. Met onze muts op en met heet water in plastic flessen houden we ons warm. We zijn alvast voorbereid op Holland.

Na onze reis naar Uttarkashi hebben we nog een paar dagen over in Dehra Dun. Deze dagen gebruiken we ook om terug te kijken op onze reis. We zijn ontzettend dankbaar voor onze tijd in India. We gaan veel dingen missen: het eten, de gastvrijheid, de verassingen, veel lieve mensen, de heldere kleuren, de mooie natuur, het prettige klimaat de bergen en het sterke vertrouwen van de mensen in God. Sommige dingen gaan we ook niet missen: de stank, het lawaai, de chaos en de drukte. Het was een geweldige ervaring om onze broers en zussen te ontmoeten en hun zegeningen maar ook hun noden te leren kennen, daar samen voor te bidden en zo de gemeenschap te ervaren die werkelijkheid is in en door Jezus Christus. Er zijn veel gebedspunten, maar er is ook veel om voor te danken.

Wij zijn door India gereisd per trein, taxi, auto, bus, metro, fietsriksja, auto riksja, vikram, motor, brommer, vliegtuig en kameel. In dit alles heeft onze God ons bewaart. Daar zijn we God dankbaar voor en we willen eindigen met dezelfde tekst als waar me deze reis mee zijn begonnen. Psalm 139. In dit vertrouwen zijn we naar India gereisd, en in dit vertrouwen laten we onze broers en zussen achter. We blijven verbonden in Christus en zien uit naar zijn wederkomst! Bedankt voor het meelezen en meeleven. We hebben de reacties erg gewaardeerd!

 

Vorig artikelHappy glorious new year!
Volgend artikelWe genieten!
Jonathan Hoekstra
Wij zijn Jonathan en Hillene en we doen onderzoek in India voor de Theologische Universiteit Kampen.
Lees ook deze artikelen eens:

Populaire artikelen

How Great Thou Art

One of us

De laatste dagen

Nieuwste reacties