woensdag, september 22, 2021

4. ‘Joy to the world, the Lord is come’

Afgelopen week hebben we veel tijd doorgebracht op het PTS. Het is gebruikelijk om het voor het vertrek van alle studenten een grootse kerstviering te organiseren: de Cantatta. We werden uitgenodigd om mee te zingen in een koor en dat hebben we met veel plezier gedaan.

De Cantatta is een kerstprogramma voor alle mensen uit Dehra Dun. Het Evangelie wordt vertelt, er is muziek, een koor. Zondag was de uitvoering, in de zaal konden zo’n 800 mensen en dat betekent dat elke centimeter wordt benut. Het begon 15:00 uur. Om 16:10 uur zat de zaal vol. Dat is India. Velen vertrekken hier pas op de tijd dat je eigenlijk wordt verwacht. Wij schatten dus zo in dat de verste ongeveer 70 minuten moesten rijden om hier te komen. De avond na de Cantatta aten we met alle studenten, leraren en andere PTS-betrokkenen buiten op het veld. Aansluitend gingen bijna alle studenten naar huis: vakantie.

De afgelopen week hebben we in totaal acht christenen gesproken die bekeerd zijn van het hindoeïsme. Het zijn allemaal studenten van de PTS. Twee aan twee kwamen ze op ons appartement en hadden we gesprekken over hun bekeringsverhaal. Het waren leerzame gesprekken en zeer bruikbaar voor Jonathan zijn onderzoek. Een tweetal verhalen willen we graag met jullie delen.

 

Raj, 27 jaar:
Raj komt uit een klein dorpje in de bergen. Een traditioneel dorpje met voornamelijk hindoes. Vroeger was hij tegen christenen. Een vrouw uit zijn dorp had zich bekeerd tot het christendom. Hij schreeuwde naar haar. In zijn dorp worden christenen niet geaccepteerd. Raj paste niet in het plaatje van een traditioneel dorp. Hij wilde namelijk graag studeren. Dit paste niet bij het beeld wat zijn ouders hadden. Na lang zeuren kreeg hij het voor elkaar. Hij wilde graag studeren in een stad. In die stad woont zijn oom. Deze oom is christen en pastor. Zijn vader wilde niet dat hij bij zijn oom ging wonen. Hij was bang dat hij dan bekeerd zou worden. Hij beloofde zijn vader plechtig dat hij geen christen zou worden. Hij bleef zijn best doen om zijn vader te overtuigen. Vader gaf uiteindelijk toe. Toen Raj woonde bij zijn oom hoorde hij zijn oom en tante in de nacht voor hem bidden. Hij sliep naast hun. Ze baden hele nachten lang voor hem. Ook hoorde hij steeds vaker christelijke muziek en dat raakte hem. Hij begon mee te gaan naar de kerk. Eerst omdat hij zich anders op zondag verveelde maar later werd hij steeds meer geïnteresseerd. ‘Bij veel hindoes is het zo, als je je bekeert tot het christendom dan doe je alsof je ouders dood zijn.’ Ook voor zijn familie zou hij als dood worden beschouwd. Hij voelde zich erg schuldig dat hij zich aangetrokken voelde tot het evangelie. Na één jaar werd hij echt christen. Hij durfde dit thuis niet te vertellen. Hij ging naar huis voor een hindoe-festival en deed mee met de hindoe-worship. Dit festival heet Divali. Zijn oom en tante hadden hem op het hart gedrukt om nog even niets zeggen over zijn bekering. Zo kon hij eerst geestelijk sterker worden. Hij kreeg veel onderwijs en werd gedoopt. Hij vond zoveel rust in de onvoorwaardelijke liefde die er staat geschreven in de Bijbel. Hij kende dit niet vanuit zijn achtergrond. Hij was als hindoe altijd bezig met het goed stemmen van de goden. Hij dacht: ‘Als ik niet naar de tempel ga of geen rituelen doe voor de goden dan sturen ze slechte dingen op ons gezin af’. Hij kende geen vergeving. Je karma (alles daden die je hebt gedaan, goede en kwade dingen) blijft altijd bij je.. In al je levens! Het laat je nooit meer los. Als je veel goede dingen doet kom je veel goede dingen tegen als je veel slechte dingen doet dan komen er slechte dingen op je af. Toen hij hoorde van vergeving vond hij dit heel lastig te begrijpen. Hij vertelde zijn ouders na een tijdje dat hij christen is geworden. Ze waren ontzettend teleurgesteld en verdrietig. Familieleden kwamen naar hun huis en zeiden tegen hem dat hij geen familie meer van hen is. Raj is door een eenzame tijd heen gegaan. Maar hij kon het evangelie niet meer los laten. Door Gods kracht en genade is hij hier doorheen gekomen zonder Christus te verloochen. Raj zit nu in zijn vierde jaar van de studie theologie. Hij wil graag pastor worden. Zijn ouders staan nu wat positiever tegenover zijn bekering. Hij probeert al het geld wat hij overheeft in de maand aan hen te geven. Hij probeert ze liefde te tonen en ze te vertellen over Jezus. Hij straalde toen hij vertelde dat zijn vader en moeder bij de uitreiking van zijn diploma zijn geweest. Hij voelde dat ze zijn christen zijn meer hebben geaccepteerd.

Hij vertelt: ‘Hindoes denken in een weegschaal. Aan het einde van je leven worden alle goede daden aan de ene kant van de weegschaal gelegd en alle slechte daden aan de andere kant. Dan wordt de balans opgemaakt. Vergeving is hier niet bij. Je kan alleen compenseren.’
Wat hij ook erg lastig vond was het begrip van zonde. Hij vertelt: ‘Als Hindoe ben je vooral bezig met het doen van goede daden (offeren, tempel bezoeken, rituelen, geld geven aan de sadhu etc.) . Hoe het zit met je hart dat is niet belangrijk.’ In zijn missionaire werk komt hij dit ook tegen. Hindoes zien zichzelf niet als zondaren. Zonde worden vaak door hen gezien als kleine foutjes en iedereen maakt fouten. Hij had toen hij Hindoe was geen last van zijn geweten. Dit vond hij lastig toen hij christen werd. Zijn geweten begon hem kennis van zonde te geven. Dit kende hij als hindoe niet. Raj zegt dat je bij missionair werk onder hindoes moet beginnen met uitleg over de zonde. Er is zoveel ellende in de wereld, zoveel verdriet en iedereen heeft moeilijkheden. Een hindoe zal dan misschien begrijpen dat er redding nodig is en dat er heel veel zonde zijn. Dat Jezus ons kwam redden en dat hij God naar de aarde kwam. Daarna zijn hindoes vaak geïntrigeerd over de manier van leven van Jezus. ‘Moral teaching’ daar zijn ze in geïnteresseerd.

Hij vond het heel fijn om te merken dat God heel dichtbij is. Bij hindoes is God vaak heel ver weg.
hindoegoden zijn volgens hem heel egoïstisch. Ze doen eigenlijk ook alles voor zichzelf. Voor hun eigen karma. Krishna en Shiva zijn hiervan een voorbeeld. ‘Veel Hindoes zitten zo verstrikt in cultuur. Het geloof is zo vermengt met het land. Alles draait erom. Veel Hindoes hebben hierdoor een enorm beperkt wereldbeeld. Ze denken niet goed zelf na. Maar ze volgen alles wat hun voorvaderen ook hebben gedaan.’ Jezus Christus laat het tegenovergestelde zien. God komt naar deze wereld toe, omdat hij ons liefheeft.

Bradu, 34 jaar
Hij vertelt: ‘Ik ben op gegroeid in een hindoe familie. We woonden in één van de zeven heiligste plaatsen van de hindoes: Haridwar. Al eeuwenlang waren mijn voorvaderen hindoepriesters.’ Hij is de oudste zoon van de familie en hij zou ook hindoepriester worden. Het was een groot voorrecht om dit te mogen worden. Als je in zo’n hindoe familie word geboren dan heb je een goed karma. Bradu ging toen hij 18 jaar was naar een ashram (een soort ‘hindoeklooster’). Hij zou zes maanden lang getraind worden. Daarna zou hij de autoriteit van sadhu krijgen. Deze zes maanden hield hij vol. Hij leerde allerlei mantra’s (gebeden en gedichten om magische krachten op te roepen). Ook leerde hij vele andere rituelen (ook de lijkenverbranding aan de rivier de Ganges). Toen hij na zijn zes maanden training terug kwam in zijn woonplaats bogen de mensen voor hem en knielden voor hem neer. Hij was als een god voor de hindoes. Hij werd na deze training al gauw erg ziek. Hij had griep en hij was helemaal in de war. Hij bleek bezeten te zijn en zou spoedig sterven. Alle goeroes en sadus kwamen bij hem om voor hem uren lang mantra’s te bidden, maar hij genas niet. Twee maanden lang was hij doodziek. Dit riep heel erg veel vragen bij hem op. Wie kan hier genezen, wie is eigenlijk God? Hij kreeg veel vragen over zijn bestaan. Er kwam een pastor bij hem en gaf hem een Bijbel. Hij begon het te lezen alsof het een wijsheidsboek was. Gewoon een boek zoals er vele andere boeken zijn. Hij las in Johannes 5 vers 24 over overgaan van duisternis naar licht. Dit interesseerde hem. In het hindoeïsme wordt je heel vaak opnieuw geboren. Hij bleef ziek. Ten einde raad vroegen ze pastor om voor hem te bidden. Hij bad voor hem en hij genas. Hij hoorde na een aantal dagen een stem in zijn hoofd. Die gaf hem de tekst uit Jozua 1 vers 8 en 9. Hij moest de Bijbel gaan lezen. Hij las en hij wilde graag de kerk gaan bezoeken. Zijn vader hoorde dit en werd ontzettend boos. Hij stuurde hem weg uit zijn huis. Hij vond twee dagen onderdak bij een vriend. Hij mocht niet meer terug komen naar huis. Na deze dagen ging hij naar een campus van een theologische school. Hij was uiteindelijk 21 jaar toen hij zich liet dopen. Hij heeft veel tegenstand gehad vanuit zijn familie. Er is heel veel gebeurt maar uiteindelijk is zijn hele familie bekeerd tot het christendom. Zijn vader, moeder en alle broers en zussen! ‘God zij dank’ zegt hij. Het is een enorme verandering geweest in hun community. Hij wordt vaak bedreigd met de dood. Een paar maanden geleden werd hij gebeld door een goeroe. Deze dreigde een wijnfles over hem leeg te gooien en hem in de brand te steken. Hij is al vaker geslagen en achtervolgd. Dreigementen blijven steeds maar komen. Hij zegt met een gelovige blik naar de hemel: ‘God helpt me hierdoor heen’.

Bradu is inmiddels evangelist in zijn eigen woonplaats. Ondanks de grote onveiligheid, de tegenstand en de verdrukking weet hij zeker dat God wil dat hij evangeliseert. Samen met andere evangelisten doet hij zijn best om relaties te leggen met hindoes. Hij probeert er voor mensen te zijn als ze ziek zijn, geen geld hebben of andere nare dingen meemaken in hun leven. Hij probeert Gods liefde en genade uit te stralen naar de mensen om hem heen. Bradu roept ons dringend op om te bidden voor hindoes in Haridwar. Dat harten geopend mogen worden, maar ook voor bescherming van evangelisten.

We horen en merken dat God grote dingen doet in India. Dat is prachtig om te zien en te horen.

In de tussentijd hebben we ook het Emmanuel Hope Association (EHA) bezocht. Daar hebben we Mirjam en Garreltje ontmoet die ook via DVN op reis zijn. Zij zijn twee verpleegsters die daar werken. Het was leuk om weer eens Nederlands te praten met andere mensen en onze eerste ervaringen met elkaar te delen. Vandaag zijn we naar Haridwar geweest, één van de zeven heiligste plaatsen voor hindoes. Daarover meer in een volgend blog.

 

Jonathan Hoekstra
Wij zijn Jonathan en Hillene en we doen onderzoek in India voor de Theologische Universiteit Kampen.
Lees ook deze artikelen eens:

5 REACTIES

  1. Lieve Jonathan en lieve Hillene,
    Wat een prachtige verhalen. Wat is onze God groot! Zijn naam zij geprezen. We hopen dat jullie nog veel lichtverhalen mogen ontdekken. Deze verhalen doen ons allemaal goed. Jezus leeft, Halleluja.

  2. Lieve Jonathan en Hillene,
    Wat een aangrijpende verhalen
    van bijzondere mensen..
    Keep up the good work !
    Jonathan , van harte gefeliciteerd met je verjaardag !!!
    Een goed jaar gewenst met Hillene en met God aan je zij ..
    Liefs, Pieter Henriet Michel & Jamie

  3. Jonathan, Ook via dit kanaal hartelijk gefeliciteerd met je verjaardag vandaag en Gods zegen voor het volgende levensjaar, samen met Hillene!
    Wat een bijzondere verhalen over die 2 studenten zeg. En dan ook een ontroerende foto van jullie blanke koppies in een indiaas zangkoor.
    Liefs Pa en Ma

  4. Ha Jona en Hillene,

    Gaaf om te lezen wat jullie allemaal doen en meemaken! Gaaf om te lezen wat God ook in India doet!
    (Jona nog van harte gefeliciteerd!!)

    Groet Jelte

  5. Lieve mensen,

    Mooi en indrukwekkend om te lezen en vooral ook om te zien.
    Gods nabijheid en zegen gewenst.

    Groet, Ben en Trudie

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Populaire artikelen

How Great Thou Art

One of us

De laatste dagen

Nieuwste reacties